nummer 3



“Het echte onderzoeken kan beginnen!”

Dit is wat mijn promotoren zeiden, toen ik op het punt kwam om naast mijn literatuuronderzoek, ook daadwerkelijk data te gaan verzamelen. Mijn echte onderzoek begint nu! Hoewel ik genoten heb van alle voorbereidende werkzaamheden, is dit voor mij een mooie mijlpaal: onderzoeksgegevens uit ons zelfevaluatie-instrument ‘Pedagogische praktijk in Beeld (PiB)’ wetenschappelijk analyseren.

Waar te beginnen?

PiB is een instrument dat is gebaseerd op het ‘Veldinstrument observatie pedagogische praktijk’ van het NJi en de GGD GHOR, en op een aantal vragen uit de NCKO Kwaliteitsmonitoren 0-4 en 4-12. KindeRdam en het NJi hebben deze instrumenten geïntegreerd in de digitale monitor-omgeving van PiB. Het doel van mijn eerste deelonderzoek is om de data die met PiB is verzameld, door de verschillende aangesloten kinderopvangorganisaties, psychometrisch te analyseren. Een voorbeeld hiervan is dat ik zal nagaan of het aantal vragen van PiB verminderd kan worden zonder dat dit ten koste gaat van een goed beeld van de pedagogische kwaliteit. Want ik wil de kwaliteit van PiB behouden en tegelijk PiB efficiënter en daardoor gebruiksvriendelijker maken.

Gedegen aanpak

Maar zoals ik beschreef in mijn vorige Promotie Post, is er een gedegen plan nodig. Ten eerste is bepaald dat ik voor dit deelonderzoek genoeg heb aan de anonieme gegevens uit PiB, ik hoef niet te weten welke data van welke organisatie, locatie of groep, afkomstig is. Vervolgens heb ik een informatiebrochure gemaakt waarin ik uitleg geef over het doel van dit deelonderzoek, hoe de data verzameld wordt en wat er precies met die gegevens gebeurt. Daarna heb ik een toestemmingsverklaring gemaakt waarmee elke organisatie om deelname wordt gevraagd door de verklaring te ondertekenen. Tot slot heb ik de informatiebrochure en de toestemmingsverklaring gemaild naar alle afzonderlijke huidige PiB gebruikers met de vraag of zij willen meewerken aan mijn deelonderzoek.

En dan wachten…

Ik kan me de druk op de ‘Verzenden’-knop van die e-mails nog goed herinneren… Op dat moment gingen er allerlei vragen door mijn hoofd. Is de informatie in de brochure helder en volledig genoeg? Hoe hoog is de drempel voor organisaties om mee te willen doen aan mijn onderzoek? Hoeveel organisaties zullen uiteindelijk gaan meedoen? Ik vond het spannend omdat ik nog niet wist of ik voldoende PiB-data zou gaan krijgen, om de analyses uit te kunnen voeren.

Vertrouwen

Gelukkig kreeg ik al snel van de meeste PiB-gebruikers toestemming om hun anonieme data te mogen gebruiken voor mijn onderzoek. Sommige gebruikers hadden nog wat vragen, maar na kort overleg hebben alle organisaties die ik had gemaild, toestemming gegeven. Dat was voor mij een enorme opsteker en blijk van vertrouwen. Blijkbaar wordt het belang van mijn onderzoek gezien!

Goud in handen

Toen kwam het moment dat ik de het totale databestand ontving. Het bestond uit een hele hoop rijen en kollommen met cijfers en wat korte beschrijvingen. Het leek misschien niets bijzonders, maar ik realiseerde me dat ik goud in handen had. Dit zijn gegevens waarmee ik PiB kan verbeteren en daardoor de kinderopvang iets in handen kan geven om de pedagogische kwaliteit te verbeteren! Ik kon niet wachten om deze schat aan informatie, zo voelt het echt, te mogen analyseren. Maar toen werd ik weer met beide benen op de grond gezet en geconfronteerd met het feit dat het ruim 10 jaar geleden is dat ik voor het laatst met statistiek bezig ben geweest. Maar, ik heb de statistiekboeken afgestoft en ik heb gelukkig geduldige promotoren en een PiB-collega die statistisch erg deskundig is.

In een volgende Promotie Post vertel ik graag over de uitkomsten van mijn analyses!

Simon Hay
Pedagoog